Veelgestelde vragen


  1. Kan ik restjes van de lont en van gebruikte lucifers in het gesmolten kaarsvet leggen?
    Nee, het gesmolten kaarsvet moet altijd schoon worden gehouden. Dingen die niet in de kaars thuishoren, zoals lucifers, vliegen, of stukjes afgeknipte lont, verontreinigen de was. De was verstopt de lont waardoor deze niet meer zo goed brandt. Daarnaast kan er een tweede lont ontstaan, wanneer bijvoorbeeld een luciferkop vlam vat. De rand van een kaars kan doorbranden en gaan lekken. Tot slot is er kans dat de kaars gaat walmen of flakkeren.
    » Verberg antwoord
  2. Hoe voorkom ik dat een kaars gaat walmen?
    Controleer eerst of de kaars op de tocht staat. Zo ja, verplaats de kaars dan of sluit de deur of het raam. Als de kaars niet op de tocht staat, is de lont misschien te lang. Doof de kaars en kort de lont in tot ongeveer 1 cm. Ook kan de rand van de kaars te hoog zijn waardoor de lont niet genoeg zuurstof krijgt. Snijd een rand van het kaarsvet af zodat deze niet hoger is dan 1cm.

    Als het probleem dan nog niet is opgelost, is de lont misschien verontreinigd of verstopt met was. Het kan ook zijn dat de lont verkeerd geproduceerd is of van slechtere materialen is gemaakt. Fabrikanten van kwaliteitskaarsen besteden veel aandacht aan de lont, omdat die van grote invloed is op de brandeigenschappen van de hele kaars. Kaarsen met een slechtere lont gaan veel sneller walmen en druipen.
    » Verberg antwoord
  3. Waarom branden kaarsen slecht als er een raam of deur open staat?
    De tocht van een open raam of deur kan het brandproces verstoren, waardoor de kaars gaat druipen of walmen of waardoor de kaars slechts aan één kant opbrandt.

    » Verberg antwoord
  4. Kan ik meerdere kaarsen naast elkaar aansteken?
    Een brandende kaars genereert warmte. Als kaarsen te dicht bij elkaar staan, kan er erg veel warmte ontstaan, waardoor de kaarsen smelten of krom trekken. We raden u aan de kaarsen op voldoende afstand van elkaar te plaatsen: een afstand van ongeveer 10 cm is het minimum.
    » Verberg antwoord
  5. Welke oppervlakken zijn het meest geschikt voor kaarsen?
    Kies altijd voor een hittebestendig, niet-brandbaar, horizontale ondergrond. Andere voorwerpen kunnen in brand vliegen of beschadigd raken door de brandende lont of het hete kaarsvet. Let daarom goed op als u een kaars aansteekt.
    » Verberg antwoord
  6. Waarom is het belangrijk om de kaarsen recht neer te zetten?
    Het is essentieel dat de kaarsen recht worden neergezet en dat ze stabiel staan. Dat is niet alleen veiliger – onstabiele kaarsen vallen sneller om – maar ook beter voor de vlam: kaarsen branden alleen optimaal als ze helemaal recht staan. Als een kaars niet recht staat, kan hij gaan walmen of druipen.
    » Verberg antwoord
  7. Hoe kan het dat kaarsen in windlichten vaak slecht branden?
    Dit komt doordat er te weinig toevoer van zuurstof is in een windlicht. Bij veel windlichten gaat vorm boven functie. Wanneer er geen kaars wordt aangeraden bij het windlicht, is het uitproberen welke soort en grootte kaars het beste past en brandt. Gouda adviseert geen kaarsen in windlichten te branden omdat het risico op walmen, druipen of niet geheel opbranden groot is.
    » Verberg antwoord
  8. Waarom druipen veel kaarsen?
    Dit komt in veel gevallen door de kwaliteit van de kaars. Daarnaast kunnen omgevingsfactoren redenen zijn voor druipen. Het kan te warm zijn in de kamer of de kaars kan op de tocht staan. Controleer ook of de kaars recht staat. Dankzij de combinatie van de speciaal geprepareerde lont en het gebruik van uitsluitend de beste natuurlijke wassoorten is er bij Gouda kaarsen nauwelijks kans op druipen.
    » Verberg antwoord
  9. Waarom spetteren en knisperen sommige kaarsen?
    De lont heeft dan tijdens de productie water opgenomen.
    » Verberg antwoord
  10. Kan ik kaarsen naast de openhaard plaatsen?
    Nee, liever niet. Net zoals meerdere kaarsen die te dicht naast elkaar branden, kan een kaars die te dicht naast een open haard staat  smelten. Zet ook geen kaarsen op de schouw.
    » Verberg antwoord
  11. Hoeveel afstand moet er tussen naast elkaar brandende kaarsen zijn?
    De warmte-uitscheiding die een daarnaast geplaatste kaars kan beïnvloeden verschilt per kaars. Ook de kamertemperatuur speelt een rol. Gouda adviseert u minimaal 10 centimeter afstand tussen kaarsen aan te houden.
    » Verberg antwoord
  12. Waar moet ik bij het branden van groepen kaarsen op letten?
    Zet de kaarsen niet te dicht naast elkaar, omdat ze zich dan aan elkaar opwarmen en sneller kunnen gaan druipen. Wanneer kaarsen boven elkaar geplaatst zijn, let er dan op dat de onderste kaarsen de bovengeplaatste kaarsen niet opwarmen waardoor ze gaan buigen.
    » Verberg antwoord
  13. Waarom branden sommige kaarsen vooral in de diepte in plaats van de breedte?
    Dat kaarsen meer in de diepte dan in de breedte opbranden kan worden verzoorzaakt door een slechte kwaliteit lont. Een andere reden is dat de kaars te kort gebrand wordt. Als het kaarsvet niet helemaal tot de rand gesmolten is ontstaat er een klein kuiltje aan het oppervlak. Bij het volgende gebruik kan het kaarsvet maar tot de rand van het kuiltje smelten. U moet de kaarsen minimaal zo lang branden dat ze tot aan de rand toe met vloeibaar kaarsvet zijn gevuld. Zorg ervoor dat de opstaande rand niet te hoog wordt. Snijd hem af wanneer hij hoger wordt dan 1 cm.
    » Verberg antwoord
  14. Hoe snel branden kaarsen?
    Een vuistregel is dat brandende kaarsen ongeveer 7 tot 10 gram kaarsvet per uur verbruiken. Op de verpakkingen van Gouda kaarsen staat de gegarandeerde brandduur van de verschillende kaarsen vermeld.
    » Verberg antwoord